Me First And The Gimme Gimmes in de Melkweg, 19-02-2017

Geen Fat Mike, toch een vette avond

 

Me First and the Gimme Gimmes is zo’n band waarvan je weet dat de mix & match leden er hoe dan ook een feestje van maken. Met hun repertoire aan punk covers in ons achterhoofd gaan wij dan ook goedgemutst richting een uitverkochte Melkweg op zondagavond 19 februari.

Echt koud is het niet binnen, maar een opwarmer kan nooit kwaad. Als Masked Intruder begeleid door zwaailichten en sirenes het podium op komt, is één blik op de mannen met gekleurde bivakmutsen voldoende om te beseffen dat dit maf wordt. De heren Intruder Blue, Yellow, Red en normaal gesproken Green – die er vanavond niet bij is en vervangen wordt door de Nederlandse Merel van de band Lone Wolf – hebben in de Melkweg al een flinke groep fans voor hun neus en de kick-off ‘Most Beautiful’ wordt al direct hard mee gezongen vanuit de zaal. De politie agent in korte broek die ze meegenomen hebben zweept het publiek op door af en aan van het podium te springen in een poging een moshpit te starten. Hoewel dat laatste slechts deels lukt, is het grappig om te zien hoe deze foute act steeds vreemder wordt. Met de super vrolijke pop punk in nummers met titels als ‘Beyond a Shadow’, ‘I Don’t Wanne Be Alone’ en ‘Weirdo’ weten de gemaskerde mafketels de zaal goed los te krijgen. Na 16 (!!) nummers vindt Masked Intruder het mooi geweest en met ‘I Don’t Wanna Say Goodbye’ keert de rust voor even terug in de zaal…

Niet veel later trappen de mannen van Me First and the Gimme Gimmes af met ‘Summertime’ (Billie Holiday). Allen gekleed in hetzelfde hawaii shirt – met een zwart colbertje met gouden “G G” applicatie in het geval van zanger Spike Slawson – is de band een echte eenheid ondanks de verschillende ‘herkomst’ van alle muzikanten. Zo zijn gitarist Joey Cape en Drummer Dave Raun bekend van de punkband Lagwagon, neemt Jay Bentley van Bad Religion vanavond de basgitaar voor zijn rekening (normaal gesproken is deze plek voor Fat Mike van NOFX) en bespeelt Scott Shiflett (van Face to Face) ook nog eens gitaar als vervanger van zijn broer Chris Shiflett die je wellicht kent uit Foo Fighters. Een gevalletje ‘we spelen allemaal al in een serieuze band, laten we zo nu en dan gewoon iets gezelligs doen’, zo zien wij Me First and the Gimme Gimmes. En zo zien ze zichzelf volgens ons ook. Vrijwel elk nummer wordt aangekondigd met “the next song is a cover”… dat is twee keer grappig, dan wordt het flauw en uiteindelijk lachen we er toch weer om.

Het is fascinerend hoe nummers als ‘Me and Julio by the Schoolyard’ (Paul Simon), ‘Ghost Riders in the Sky’ (Johnny Cash) en ‘Country Roads’ (John Denver) ineens zeer geschikt zijn om op te moshen; dit gebeurt dan ook vrijwel non stop. Blauwe plekken en schorre keeltjes gegarandeerd na dit avondje op rap tempo klassiekers meebrullen. Terwijl we al snel onder het bier zitten en al stuiterend door de zaal golven, kan dat de pret niet drukken. Een beetje plakkerig zingen we gewoon weer mee met ‘Jolene’ (Dolly Parton), ‘I Believe I Can Fly’ (R. Kelly), ‘Mandy’ (Barry Manilow) en ‘Somewhere Over the Rainbow’ (Israel Kamakawiwo’ole). Om ons alleen maar warme, blije gezichten; iedereen weet waarvoor ‘ie naar Me First and the Gimme Gimmes komt, en de verwachting wordt meer dan waar gemaakt.

Totdat de band na luid gejuich terug het podium op komt voor een toegift in de vorm van ‘All My Loving’ (The Beatles) en ‘I Will Survive’ (Gloria Gaynor) geen vuiltje aan de lucht; gewoon lekker casual vrolijke muziek en even vrolijke toeschouwers in de zaal. Maar als een van de crowdsurfers vanaf het podium met een doffe dreun op de vloer beland en daar blijft liggen is dat een domper. Vanaf het podium bezorgde gezichten, de instrumenten vallen stil en Slawson verzoekt de beveiliging om even naar voren te komen. Ook achter in de zaal wordt al snel duidelijk wat er aan de hand is en Slawson bedankt het publiek dat het zo rustig blijft en ruimte maakt voor de stakker die na enkele minuten gelukkig wel weer opstaat. Natuurlijk is dit niet de manier om de avond af te sluiten en de band doet zijn best om er nog wat vrolijkst van te maken. Dat lukt gelukkig en na ‘Sweet Caroline’ (Neil Diamond) en ‘End of the Road’ (Boyz II Men) gaat vrijwel iedereen voldaan richting uitgang.

Enige kritiek die wij om ons heen opvangen, is wat gemopper over het gemis van Fat Mike. Hoewel we het zelf ook jammer vinden dat deze punk held niet erbij is, kan de mix & match band het ook goed zonder hem af en is het wat ons betreft een vette avond.

© Céline Claassens | All Rights Reserved

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *